De baardgier (ook lammergier) is een indrukwekkende roofvogel met een spanwijdte tot 3 meter, bekend om zijn unieke dieet: hij eet voornamelijk botten en merg door ze van grote hoogte op rotsen te laten vallen, wat zijn naam "baardgier" dankt aan een 'baard' van veertjes onder zijn snavel. Hij heeft een kale kop, anders dan andere gieren, en zijn roest-oranje borst is het resultaat van het poetsen met rode modder, wat hem zijn kleur geeft. Deze zeldzame gier is gespecialiseerd in het 'opruimen' van kadavers en speelt een belangrijke rol in zijn hooggebergte leefomgeving, met herintroductieprogramma's in Europa om populaties te ondersteunen.
Kenmerken & Gedrag:
- Naam: Ook bekend als lammergier, zijn naam komt van de "baard" (zwart sikje) en de Engelse naam Bearded Vulture.
- Vlucht: Lijkt op een enorme valk door lange, smalle vleugels en wigvormige staart, kan urenlang zweven op thermiek.
- Kleur: De oranje/roestige kleur op de borst komt door stofbaden met ijzerhoudende klei en modder.
- Grootte: Vrouwtjes zijn iets groter dan mannetjes; de vogels in de Himalaya zijn groter dan die in de Alpen.
Dieet:
- Botteneter: Eet 80-85% botten, die hij breekt door ze te laten vallen.
- Sterke maag: Heeft zeer sterke maagsappen die botten binnen 24 uur kunnen verteren.
- Eet merg: Het merg is rijk aan eiwitten en vetten.
Leefgebied & Bescherming:
- Habitat: Hoge bergketens, zoals de Alpen, Pyreneeën, Himalaya.
- Zeldzaam: De zeldzaamste gier in Europa; zwervers worden af en toe gezien.
- Bedreigingen: Vergiftiging, voedseltekort, en aanvaringen met infrastructuur.
- Herintroductie: Actief herintroductieprogramma in Europa (bijv. via Dierenpark Zie-Zoo) om populaties te versterken.