De Cubaanse boomkikker (Osteopilus septentrionalis) is de grootste boomkikker van Noord-Amerika en het Caribisch gebied. Het is een nachtdier dat bekend staat als een zeer succesvolle, ietwat agressieve alleseter die zich razendsnel verspreidt.

Hier zijn de meest opvallende weetjes over deze bijzondere kikker:

  • Forse afmetingen: Waar de meeste boomkikkers klein zijn, kan de Cubaanse boomkikker wel 12 tot 14 centimeter lang worden. Vrouwtjes worden aanzienlijk groter dan de mannetjes. 
  • Het zijn alleseters: Ze eten vrijwel alles wat in hun bek past. Dit omvat niet alleen insecten, maar ook slakken, kikkers van andere soorten, kleine hagedissen, knaagdieren en zelfs kleine vogels. 
  • Huid vol gif: De huidscheiding van de kikker is giftig. Bij contact met de mens kan dit flinke irritatie aan de ogen en neus veroorzaken. 
  • Vergroeide schedel: De huid van de kop is direct vergroeid met de schedel. Als je de kikker over zijn kop aait, voelt dit hard en botachtig aan. De wetenschappelijke naam Osteopilus betekent letterlijk "botten in het oog".
  • Onbedoelde lifters: Het is een zeer succesvolle invasieve soort. Ze reizen stiekem mee in vrachtschepen en plantenbakken, waardoor ze inmiddels op veel plekken buiten hun oorspronkelijke leefgebied (zoals in Florida en op Caribische eilanden) voorkomen. 
  • Uitstekende klimmers: Dankzij hun brede hechtschijven aan de tenen kunnen ze moeiteloos gladde oppervlakken zoals ramen, muren en boomstammen beklimmen.