De luipaardgekko (Eublepharis macularius) is een populaire, makkelijk te verzorgen hagedis uit Aziatische drooggebieden, bekend om zijn 'panterprint', beweegbare oogleden en dikke staart. Ze zijn vaak 's nachts actief, worden zo'n 20-25 cm groot en kunnen bij goede verzorging wel 20 jaar oud worden.

Hier zijn de leukste en belangrijkste weetjes:

  • Geen klimmers: In tegenstelling tot veel andere gekko's hebben luipaardgekko's geen hechtlamellen onder hun tenen, waardoor ze niet tegen glas kunnen klimmen.
  • Staart als vetreserve: Een gezonde luipaardgekko heeft een dikke, vlezige staart. Hierin slaan ze vet en voedingsstoffen op voor tijden van schaarste.
  • Kan staart afstoten: Bij groot gevaar kan de gekko zijn staart afstoten (autotomie). Deze groeit weer aan, maar ziet er anders uit (minder structuur) dan de originele staart.
  • Knipperen met de ogen: Het zijn een van de weinige gekkosoorten die met hun ogen kunnen knipperen, omdat ze beweegbare oogleden hebben.
  • Geslacht bepaald door temperatuur: De temperatuur in het ei bepaalt of het een mannetje of vrouwtje wordt. Bij ca.  ontstaan vooral mannetjes, bij koelere of warmere temperaturen vooral vrouwtjes.
  • Jonge gekko's hebben strepen: Waar volwassen dieren stippen hebben, worden ze geboren met gele en donkere banden.
  • Geluiden: Luipaardgekko's kunnen piepende of klikkende geluiden maken, vooral als ze jong zijn of stress ervaren.
  • Huid eten: Ze vervellen regelmatig en eten hun eigen oude huid op als een vorm van recycling.

Leefomgeving:

  • Ze komen oorspronkelijk uit droge, steenachtige gebieden in Afghanistan, Pakistan en India.
  • Ze zijn schemer- en nachtactief, waardoor je ze vooral 's avonds ziet jagen.