De algazel (Oryx dammah), ook bekend als de sabelhoornoryx, is een uniek hoefdier met opmerkelijke aanpassingen aan het leven in droge woestijngebieden.
Hier zijn enkele weetjes over de algazel:
- Status in het wild: De algazel is door de IUCN geclassificeerd als "uitgestorven in het wild". Dankzij succesvolle herintroductieprojecten, onder andere gesteund door dierentuinen zoals ARTIS, leeft er in Tunesië inmiddels weer een populatie in het wild.
- Aanpassing aan hitte: Om te overleven in de hete, droge omgeving van de Sahel en de Sahara, kunnen algazellen hun lichaamstemperatuur met enkele graden verhogen zonder te hoeven zweten, waardoor ze water besparen.
- Opvallende hoorns: Zowel mannelijke als vrouwelijke algazellen hebben hoorns, die gemiddeld 86 cm lang zijn. De hoorns zijn duidelijk naar achteren gebogen, lijkend op een kromzwaard (scimitar in het Engels, vandaar de naam sabelhoornoryx).
- Grootte: Een volwassen algazel kan tot 1,2 meter hoog worden bij de schouder en een gewicht tot 200 kg bereiken.
- Dieet: Ze zijn herbivoor en eten voornamelijk grassen, maar ook bladeren, struiken en plantenwortels als er weinig gras beschikbaar is.
- Sociaal gedrag: Algazellen zijn kuddedieren die gewoonlijk in groepen van 20 tot 40 individuen leven, geleid door een dominant mannetje. Vroeger vormden ze tijdens migraties zelfs kuddes van meer dan 1000 dieren.
- Levensduur: In gevangenschap kunnen ze tot 20 jaar oud worden.