De "panter vlinder" is in Nederland en België beter bekend als het panteruiltje (Emmelia trabealis of Acontia trabealis), een klein nachtvlindertje uit de familie van de uilen.
Kenmerken en Uiterlijk
- Klein formaat: De voorvleugellengte is slechts 10 tot 11 millimeter en de spanwijdte bedraagt ongeveer 18 tot 24 millimeter.
- Panterpatroon: Het vlindertje dankt zijn naam aan het opvallende, bonte patroon van zwartachtig chocoladebruine vlekken en strepen op een crèmekleurige of gele ondergrond.
- Verschijning: Door de unieke vleugelvorm en het formaat lijkt het beestje op het eerste oog meer op een microvlinder dan op een uilachtigensoort.
Leefwijze en Gedrag
- Vliegtijd: Je kunt de vlinder tegenkomen van begin mei tot begin augustus, meestal in twee generaties.
- Schemering: Ze zijn vooral actief tijdens de schemering en komen soms op licht af.
- Overdag: Overdag kun je ze gemakkelijk opjagen uit de vegetatie, waarna ze korte vluchten maken en soms bloemen bezoeken.
- Waardplant: De rupsen van het panteruiltje eten van de bladeren en bloemen van de akkerwinde (Convolvulus arvensis).
- Overwintering: De soort overwintert als pop in een stevige cocon dicht bij de grond of in de strooisellaag.