De Gouldamadine is een felgekleurde prachtvink uit Australië, beroemd om zijn levendige kleuren, unieke lichtgevende knopjes naast de snavel bij jongen, en het feit dat ze in het wild sterk achteruit zijn gegaan waardoor export verboden is, maar in gevangenschap populair zijn en speciale verzorging nodig hebben. Ze worden tot wel 8 jaar oud en leven in de natuur van graszaden, waarbij hun leefpatroon afhankelijk is van de seizoenen.
Uiterlijk & Naamgeving
- Spectaculaire kleuren: Ze hebben een felgroene rug, gele buik, paarse borst en een schedel die rood, zwart, oranje of blauw kan zijn, met een turquoise randje.
- Naam: De vogel is vernoemd naar Amadina Gould, de vrouw van de ontdekker John Gould, die de soort in 1844 beschreef.
- Jonge vogels: Jonge gouldamadines zijn eerst bruin en ontwikkelen pas na maanden hun volle, felle kleuren.
Leefomgeving & Natuur
- Herkomst: Noord-Australië, waar ze in savannes leven.
- Voedsel: Ze eten voornamelijk graszaden, maar ook insecten, onkruidzaad, en krijgen graag trosgierst en eivoer.
- Seizoensgebonden: In het wild migreren ze met de seizoenen mee, zoekend naar rijpend graszaad, en beginnen ze te broeden aan het einde van het regenseizoen.
In Gevangenschap (Volière)
- Sociale vogels: Ze zijn sociaal, maar hebben veel ruimte nodig; hoe groter de volière, hoe beter (minimaal 100 cm breed).
- Klimaat: Ze zijn gevoelig voor kou; in de winter moeten ze beschut of binnen gehouden worden, tenzij ze gewend zijn aan koudere temperaturen (koudkweek).
- Licht: Daglichtlampen zijn belangrijk voor binnenhuis gehouden vogels, net als voldoende vochtigheid (50-70%).
Interessante Feiten
- Lichtgevende knopjes: Jonge gouldamadines hebben lichtgevende knopjes naast hun snavel in de donkere nestkast, zodat hun ouders ze kunnen vinden.
- Exportverbod: Sinds 1960 is de export vanuit Australië verboden vanwege de afname in het wild.
- Kweekvormen: Er zijn verschillende kweekvormen (roodkop, zwartkop, etc.) en kleurmutaties ontstaan door selectieve kweek in gevangenschap.