De blauwkeelneushoornvogel is een grote, zwarte Afrikaanse vogel met een opvallende blauwe naakte huid rond oog en keel, een donkere snavel met een helm ('casque') en een zwart-witte staart; hij eet vruchten en kleine dieren, vliegt met suizend geluid, is luidruchtig, en het mannetje is groter en zwarter dan het roodbruine vrouwtje, dat in holtes broedt terwijl het mannetje voedt. 

 

Kenmerken en uiterlijk

  • Grootte: 75-90 cm lang, met mannetjes iets groter dan vrouwtjes (ca. 80-90 cm).
  • Kleur: Zwart met zilvergrijze wangen/kop (mannetje) of roodbruine kop/hals (vrouwtje).
  • Snavel: Grote, donkergrijze tot zwarte snavel met een cilindrische 'hoorn' (casque), die groter is bij het mannetje.
  • Huid: Opvallend blauwe, naakte huid rond de ogen en keel.
  • Vlucht: Produceert een duidelijk hoorbaar suizend geluid tijdens het vliegen. 

 

Leefwijze en dieet

  • Habitat: Midden- en Oost-Afrika.
  • Voedsel: Vooral fruit, maar ook insecten, kleine reptielen, vogels en knaagdieren.
  • Sociaal: Leeft vaak in paren, maar vormt soms grote groepen op gemeenschappelijke slaapplaatsen. 

 

Voortplanting

  • Nestelen: Broedt in boomholtes hoog in bomen.
  • Broedproces: Het vrouwtje wordt 'ingemetseld' in de holte en blijft daar tot de jongen uitvliegen; het mannetje brengt voedsel.
  • Eieren: Legt 1-3 eieren, die na ongeveer 40 dagen uitkomen. 

 

Interessante weetjes

  • De helm (casque) is hol en dient als klankbord om luidruchtige roepen te versterken.
  • De vleugelslag is zo hoorbaar dat het lijkt op een roep, net als bij andere neushoornvogels.
  • Ze kunnen luidruchtig zijn en hun schorre kreten zijn ver te horen.