Pauwen zijn prachtige, kleurrijke fazantachtigen uit Azië, bekend om de enorme sleep van het mannetje die hij kan opzetten, wat uit verlengde staartdekveren bestaat en groeit na de jaarlijkse rui (juli/augustus). Ze zijn alleseters (zaden, insecten, muizen), communiceren luid, slapen in bomen, en hoewel ze goed kunnen vliegen voor korte afstanden, scharrelen ze over de grond. Het mannetje (haan) heeft een harem met meerdere vrouwtjes (hennen), die zelf minder opvallend gekleurd zijn en camoufleren tijdens het broeden.
Kenmerken & Gedrag
- Slaap: Slapen 's nachts hoog in een boom voor veiligheid.
- Voedsel: Alleseters: zaden, granen, vruchten, insecten, wormen, muizen.
- Geluid: Maken luide, schreeuwende kreten om te waarschuwen.
- Vlucht: Kunnen goed vliegen en rennen, gebruiken dit om te ontsnappen aan gevaar.
- Rui: Ruien jaarlijks hun sleep, die weer volledig is in februari.
- Waakzaamheid: Worden soms als waakvogel gehouden vanwege hun alarmerende geluid.
Pauwen vs. Henn (Mannelijk vs. Vrouwelijk)
- Haan (Mannelijk): Prachtig blauw/groen verenkleed en de lange, opvallende sleep met 'ogen'.
- Hen (Vrouwelijk): Minder kleurrijk (groen/bruin), kleiner, zonder lange sleep, camoufleert haar nest.
- Kuiken: Een jonge pauw krijgt pas op zijn derde jaar volwassen veren.
Leefgebied & Geschiedenis
- Oorsprong: Wilde pauwen komen uit bossen in India, Pakistan en Sri Lanka.
- Verspreiding: Door de mens over de hele wereld verspreid.
- Symboliek: Vroeger in kastelen gehouden als statussymbool en waakvogel.